Subsidies
Lokaal jeugdbeleid Landelijk georganiseerde jeugdverenigingen Cultuureducatieve verenigingen Verenigingen informatie en participatie Politieke jongerenbewegingen Experimentele projecten Projectoproepen Jeugdhuizen Internationale projecten Jeugdverblijfcentra Brede school Organisaties kansengroepen Grootschalige jeugdevenementen Verenigingen met bijzondere opdracht Tewerkstelling
Kadervorming en attesten Vlaams jeugd- en kinderrechtenbeleid Kinderrechten Internationale samenwerking Uitleendienst Kampeermateriaal Begroting Onderzoek Beleidsdocumenten Fiscale aftrek kinderopvang Publicaties Parlementaire vragen en initiatieven

Vrije tijd van jongeren die in voorzieningen of instellingen verblijven


Opdrachtgever Departement Cultuur, Jeugd, Sport en Media, afdeling Jeugd
Uitvoerder Artesis Plantijn Hogeschool Antwerpen
Periode januari 2015 - september 2016
Eindrapport Vrije tijd van jongeren in residentiële voorzieningen (pdf) - Managementsamenvatting (pdf)

19.12.2016 | Jeugdwerk biedt jongeren in voorzieningen zinvolle vrijetijdsbesteding

Vandaag stelde de Artesis Plantijn Hogeschool de resultaten voor van een grootschalige bevraging van een 450-tal jongeren tussen 10 en 18 jaar die in een voorziening verblijven. Dit onderzoek brengt in kaart in welke mate deze tieners een passend vrijetijdsaanbod vinden en welke rol het bestaande jeugdwerkaanbod daarin speelt.

Leven in een voorziening heeft een ingrijpende impact. Kinderen en jongeren worden (nood)gedwongen op deze manier gehinderd in een 'normaal' leven. Schoolgaan, sociale relaties, vriendschappen, gezinsleven,... verlopen fundamenteel anders. Net voor deze jongeren is de ruimte die vrije tijd biedt voor persoonlijke ontwikkeling van fundamenteel belang. Jongeren ontwikkelen veerkracht tijdens vrije tijd. Ze bouwen een netwerk op dat later kan dienen als vangnet wanneer ze de voorziening verlaten.

Residentiëel verblijf betekent inboeten op vrije tijd maar biedt ook nieuwe kansen

Een derde van de jongeren geeft aan dat ze de vrijetijdsbesteding niet kunnen verderzetten. Ondanks de goede wil van de voorzieningen staan praktische of financiële bezwaren vaak in de weg. Vrij te bepalen vrije tijd staat voor deze jongeren ook onder druk: als de jongeren occasioneel thuis zijn, komt daar de familietijd op de eerste plaats. Gelukkig zijn er ook jongeren die net dankzij de voorziening kennismaken met een passend vrijetijdsaanbod. Twee derde van de voorzieningen verklaren een structurele samenwerking met externe (jeugdwerk)organisaties te hebben. Daardoor kunnen de jongeren de nieuw gevonden activiteiten makkelijker verder zetten.

Eerder beperkt activiteitenaanbod met soms weinig inspraak

Het activiteitenaanbod in de voorziening is eerder klassiek, genderbevestigend en weinig gevarieerd. Het aanbod biedt weinig tot geen artistieke of culturele activiteiten, sport is beperkt en jongeren nemen zelden deel aan activiteiten buiten de voorziening. Inspraak of keuze is vaak ondergeschikt aan de leefgroep, personeelsbezetting of het interne vrijetijdsaanbod. Toch rapporteert slechts 10% van de jongeren geen inspraak te hebben in de vrijetijdsinvulling. De overige 90% beslist zelf of in samenspraak met anderen.

Tevredenheid is hoog, maar is 'vrije tijd' in hulpverlening wel echte 'vrije' tijd ?

Jongeren lijken tevreden over de vrijetijdsbesteding in de voorziening: 76 % rapporteert eerder tevreden of tevreden te zijn. In de interviews valt wel op dat de ‘vrije tijd’ zich afspeelt binnen een ‘onvrije’ context en dat jongeren hun verwachtingen hieraan aanpassen. In sommige voorzieningen zijn vrijetijdsactiviteiten te verdienen of te verliezen, wat vrije tijd een gecontroleerde activiteit maakt.

Conclusies en opvolging

De meeste voorzieningen erkennen het belang van een lonende en uitdagende vrijetijdsbesteding voor deze kwetsbare groep jongeren en nemen dit op in het behandelingsplan. Sommigen nemen hier zelfs een voortrekkersrol in op. De uitdagingen liggen in het wegwerken van financiële drempels en het intensiveren van de samenwerking met het jeugdwerk en de vrijetijdssector.

We verkennen of we de lokale jeugddiensten kunnen aanmoedigen om de voorzieningen in de regio systematisch te informeren over het vrijetijdsaanbod in de gemeente. Ook een vervolgonderzoek over de ontwikkeling van een reflectie-instrument om vrijetijdsbeleving bij deze groep jongeren te meten, behoort tot de mogelijkheden.

 

Doel van het onderzoek

De afdeling Jeugd gaf in 2015 aan Artesis Plantijn Hogeschool de opdracht om een onderzoek te voeren naar de mate waarin jongeren tussen tien en achttien jaar die in een voorziening of een instelling verblijven, een passend vrijetijdsaanbod kunnen vinden en naar welke rol het bestaande jeugdwerkaanbod daarin speelt.

Daarbij stonden drie onderzoeksvragen centraal.

  • In welke mate maken kinderen en jongeren die in voorzieningen of instellingen verblijven, gebruik van het bestaande jeugdwerkaanbod? Welke redenen en drempels spelen een rol in (non-)participatie? Hebben ze daarbij een voorkeur voor specifieke of inclusieve initiatieven? Welke keuzes kunnen ze zelf maken? Wat is de rol die de instelling opneemt in het invullen van de vrije tijd?
  • Hoe beleven kinderen en jongeren die in voorzieningen of instellingen verblijven, hun deelname aan het aanbod? Welke elementen dragen bij tot een kwaliteitsvol aanbod? Voldoet het aanbod aan hun verwachtingen? Wat zijn hun ervaringen met infrastructuur, begeleiding, plaats en tijd, bereikbaarheid,... ?
  • Wat zijn de andere vrijetijdsactiviteiten waaraan kinderen en jongeren die in voorzieningen of instellingen verblijven, deelnemen? Welke plaats neemt het jeugdwerkaanbod in in de vrije tijd van deze jongeren?

Zoals uit de onderzoeksvragen blijkt, lag de nadruk in dit onderzoek op de groep van kinderen en jongeren die al dan niet tijdelijk in een voorziening of een instelling verblijven, eerder dan op een specifieke (jeugd)werkvorm. Het onderzoek moest wel de diversiteit aan jeugdwerkvormen en andere vrijetijdsinitiatieven waaraan deze kinderen en jongeren deelnemen, zichtbaar maken. Het onderzoek focuste zich op kinderen en jongeren tussen tien en achttien jaar, omdat uit ander onderzoek is gebleken dat uitval en segregatie het sterkst speelt tijdens de adolescentie.

Verloop en methode

Om een duidelijk zicht te krijgen op de beleving van de jongeren, maar ook op het bestaande aanbod en rol die de instelling of het al dan niet tijdelijk verblijf in de instelling of voorziening speelt, bevroegen de onderzoekers van Artesis Plantijn Hogeschool tijdens de zomermaanden een 450-tal jongeren via een korte survey. Daarnaast gingen ze met twintig jongeren dieper in op hun vrijetijdsbesteding en -beleving, dit via methodes die aangepast zijn aan de jongeren. Om ook de rol van de voorziening en het jeugdwerkaanbod in te schatten, werden verder ook relevante actoren uit beide velden telefonisch of online bevraagd.