Subsidies
Gemeenten en provincies Landelijk georganiseerd jeugdwerk Cultuureducatie en jeugdcultuur Experimenteel jeugdwerk Participatie en informatie Internationale projecten Jeugdverblijfcentra Brede school Organisaties kansengroepen Grootschalige jeugdevenementen Kinderrechten Verenigingslokalen Verenigingen met bijzondere opdracht Tewerkstelling
Vlaams jeugd- en kinderrechtenbeleid Kinderrechten Internationale samenwerking Uitleendienst Kampeermateriaal Begroting Onderzoek Beleidsdocumenten Fiscale aftrek kinderopvang Publicaties


Gehandicapte kinderen en jongeren


Situering

Regionale jeugdwerkinitiatieven die werken met gehandicapte kinderen en jongeren, kunnen worden ondersteund op basis van het decreet gemeentelijk en provinciaal jeugdbeleid. 20 procent van het budget voor de uitvoering van het provinciale jeugdbeleid wordt immers voor die initiatieven gereserveerd.

De provinciebesturen moeten in het hoofdstuk jeugdwerkbeleid beschrijven hoe ze de provinciale jeugdinitiatieven die werken met gehandicapte kinderen en jongeren, financiële, materiële en andere steun zullen bieden. Dat blijft dus een belangrijke opdracht voor de provinciebesturen.


Van garantieregeling naar structurele oplossing

De regionale jeugdwerkinitiatieven die werken met gehandicapte kinderen en jongeren, werden aanvankelijk ondersteund via een garantieregeling. Het decreet biedt echter een structurele oplossing voor de ondersteuning van die jeugdwerkinitiatieven. De extra middelen voor de gehandicaptensector werden behouden, maar de provinciebesturen kunnen zelf beslissen hoe en welke gehandicaptenwerkingen ze ondersteunen. Het budget wordt onder de verschillende provinciebesturen verdeeld op basis van het aantal kinderen en jongeren. In alle provincies woont wellicht een evenredig aantal gehandicapte kinderen en jongeren.

Een overgangsregeling van 5 jaar liet de provincies toe beleidsmatig hierop te anticiperen. Die regeling hield in dat de garanties jaarlijks met één zesde werden verminderd. Tegelijkertijd stegen de verplichte uitgaven ten voordele van de werkingen zonder garanties telkens met één zesde. De garantieregeling begon te lopen in 2003 en stopte in 2007.